Geen hogere KIA voor vof

Als een vennootschap onder firma (vof) recht heeft op de investeringsaftrek voor kleinschalige investeringen (KIA), krijgt iedere vennoot een evenredig deel. Als er bij de berekening van uit wordt gegaan dat iedere vennoot voor een evenredig deel heeft geïnvesteerd, kan dit leiden tot een hogere KIA. Hier heeft de rechter nu een stokje voor gestoken.

Wat houdt de KIA in?

De KIA is specifiek bedoeld voor het mkb. Om in aanmerking te komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek moet u een bedrag tussen € 2.301 en € 318.449 investeren in bedrijfsmiddelen voor uw onderneming. Investeert u meer dan
€ 318.449, dan is de aftrek nihil.

De KIA kent een vorm waarbij de aftrek in eerste instantie toeneemt naarmate men meer investeert. Daarna blijft tot een investeringsbedrag van € 106.150 het bedrag van de KIA gelijk en boven dit investeringsbedrag neemt de KIA geleidelijk weer af.

Samenwerkingsverbanden niet bevoordelen

In de vormgeving van de KIA past het niet om bij grotere investeringen door een vof te doen alsof iedere vennoot een evenredig deel heeft geïnvesteerd. Dit zou leiden tot een hogere KIA voor samenwerkingsverbanden zoals een vof, maar dit is uitdrukkelijk niet de bedoeling van de wetgever geweest, aldus het hof Den Haag.

Voorbeeld

Een vof met vier vennoten investeert voor € 100.000 in computers. De vof als geheel heeft recht op een KIA van € 16.051. Per vennoot is dit € 4.013. Zou de KIA worden toegekend over een investering per vennoot van € 25.000, dan zou dit per vennoot een KIA opleveren van € 7.000. Deze laatste vlieger gaat dus niet op.

KIA verdelen

Bij een investering door een vof moet dus eerst de investeringsaftrek worden berekend waar de vof als geheel recht op heeft. Vervolgens moet dit bedrag over de vennoten worden verdeeld.